Tijdens de Eigen Werken van de studenten Fontys Musicaltheater werd opnieuw duidelijk hoe veelzijdig, persoonlijk en moedig deze lichting performers is. In een avond vol eigen verhalen, scherpe humor, ontroering en muzikaliteit namen de studenten het publiek mee in hun binnenwereld. Onder muzikale begeleiding van pianist Marnix Wetzer ontstond een avond waarin kwetsbaarheid en theatrale kracht hand in hand gingen.
Femke Coppens – Borrelpraat
Femke Coppens – momenteel stagiair in de musical Hairspray in het ensemble en als eerste understudy Tracy – bracht een bijzonder gelaagd Eigen Werk onder begeleiding van coach Geertje Hochstenbach en met muzikale ondersteuning van pianist Marnix Wetzer en gitarist Louise Segers. Wat direct opviel, was haar theatrale lef: haar Eigen Werk begon al vóór het officiële begin. Terwijl het publiek binnenkwam, was Femke al zichtbaar op toneel. Ze warmde zich vocaal en fysiek op en bouwde een enorme borrelplank op. Het publiek werd zogenaamd “te vroeg” geconfronteerd met haar proces. Daarmee zette ze onmiddellijk de toon: speels, zelfbewust en met veel humor.
De borrelplank vormde de centrale metafoor van haar voorstelling. Met aanstekelijke energie en komische timing legde ze uit hoe je een perfecte borrelplank samenstelt: structuur aanbrengen, balans zoeken tussen zoet, zout en zuur, zorgen dat iedereen iets kan vinden wat hij lekker vindt. Gaandeweg werd duidelijk dat deze plank symbool stond voor haarzelf. Alles moest een plek krijgen. Alles moest kloppen. Iedereen moest tevreden zijn. Een hoogtepunt was het door haarzelf geschreven “borrelplanklied”, waarin ze in één minuut haar plank bezong. De tekst was geestig, muzikaal knap opgebouwd en strak uitgevoerd. Haar zang klonk helder en vrij, met een natuurlijke muzikaliteit.
Onder de luchtigheid zat echter een diepe gevoeligheid. In herinneringen aan haar oma, in het verhaal over het zeemeermin-wenslied uit haar jeugd en in het ontroerende “Lampje aan” werd haar kwetsbaarheid zichtbaar. De scène rond haar oma was ingetogen en oprecht. De symboliek van het zwarte glitterpak en de witte coltrui – rouw en nieuw begin – gaf haar verhaal een volwassen reflectie.
Het beeld van “de laatste bitterbal” groeide uit tot een krachtige metafoor voor eenzaamheid en het gevoel over te blijven. Hard van buiten, zacht vanbinnen. Met dit beeld wist Femke humor en kwetsbaarheid op een indrukwekkende manier te verbinden. Haar kracht ligt in haar schakelingen: van komisch naar ontroerend, van uitbundig naar klein en breekbaar. Ze durft lelijk te zijn, rommelig, overprikkeld – om vervolgens weer controle te vinden. Aan het einde, wanneer zij de bitterballen alsnog op haar plank zet en zegt: “Goed, laten we beginnen,” voelt dat als acceptatie. Alles mag er zijn.
Femke toonde zich in dit Eigen Werk als een performer met sterke zang, gevoel voor timing, originele ideeën en een opvallend vermogen om humor en emotie te verweven. Een speelse, intelligente en ontroerende performance.

Linda Voesenek – Lindaland
Linda Voesenek – recent te zien in de productie Dubbel Op – presenteerde met Lindaland een uitgesproken, energiek en inhoudelijk sterk Eigen Werk onder coaching van Zjon Smaal. Samen met medespelers Jesse van der Velde, Rosalie Glaudemans, Tess van der Veer en Rouben Boon, zangcoach Jack Breikers en choreograaf Jayden van Herk ontstond een dynamische en strak vormgegeven voorstelling. Centraal stond “Lindaland”: een roze fantasiewereld vol glitter, opblaasflamingo’s, Aperol Spritz en een imaginaire aanwezigheid van Jim Bakkum. Linda introduceerde deze wereld met veel humor en fantasie. De scènes waren visueel sterk, strak gedanst en met overtuiging gespeeld. Haar fysieke spel en dans waren energiek, precies en gedreven.
Wat haar werk bijzonder maakte, was de inhoudelijke laag onder de komedie. Lindaland fungeerde als coping mechanisme: een plek waar alles roze en maakbaar is, waar kritiek verdwijnt en onzekerheid geen grip krijgt. In scènes rond een ongemakkelijke date en een zenuwslopende auditie werd duidelijk hoe deze fantasiewereld zowel bescherming biedt als vervreemding veroorzaakt.
Muzikaal liet Linda een breed palet horen. Van scherpe, komische timing tot intens dramatische solo’s waarin haar innerlijke criticus voelbaar werd. In haar auditienummer werd de prestatiedruk bijna tastbaar. Haar zang was krachtig en expressief, met lef in de hoogte en emotionele urgentie in de tekstbehandeling.
De confrontatie tussen Linda en haar alter ego Lindaland vormde het emotionele hart van de voorstelling. Het conflict ging niet alleen over fantasie versus realiteit, maar over autonomie: wie heeft de regie? De fantasiewereld die ooit bescherming bood, werd nu een verstoring. In de felle confrontatie liet Linda zien dat ze niet alleen komisch talent heeft, maar ook dramatische diepgang. Opvallend was haar vermogen om razendsnel te schakelen tussen humor en ernst. Een grap werd gevolgd door een confronterende bekentenis. Een dansmoment ging over in een mentale inzinking. Dat contrast gaf haar voorstelling spanning en ritme. Aan het einde bleef de vraag niet of Lindaland moest verdwijnen, maar of er een nieuwe balans gevonden kon worden. Dat maakte haar Eigen Werk volwassen en genuanceerd.
Linda toonde zich als een veelzijdige performer: sterke zang, strakke dans, groot komisch talent én de moed om haar kwetsbaarheid te tonen. Een gedreven performance met theatrale flair en inhoudelijke scherpte.

Jildou Jacobi – De wereld van
In haar Eigen Werk presenteerde Jildou Jacobi een persoonlijke en zorgvuldig opgebouwde voorstelling waarin humor en kwetsbaarheid voortdurend met elkaar in gesprek waren. Onder begeleiding van coach Zjon Smaal en met muzikale ondersteuning van pianist Marnix Wetzer wist zij een eigen signatuur neer te zetten: licht van toon, maar met voelbare diepgang.
De voorstelling begon speels en enigszins absurd, met drie K3-achtige figuren (Imme de Beij, Ida Verspaandonk en Hazel Moens) die als een koor om haar heen bewogen. In deze komische setting speelde Jildou met beeldvorming en aannames. Wie is zij eigenlijk? Het musicalmeisje? De vrolijke noot? De zelfverzekerde verschijning? Met veel humor en een scherp gevoel voor timing zette zij deze verwachtingen neer om ze vervolgens subtiel te ondergraven. In haar openingsnummer over haar verlangen naar het musical vak klonk direct haar mooie, heldere stem. Haar zang is warm en muzikaal, met een natuurlijke uitstraling die nooit geforceerd voelt. Ze straalt plezier uit, maar laat tegelijk zien hoeveel verlangen er onder zit: de behoefte om gezien en begrepen te worden.
Gaandeweg werd de toon persoonlijker. In scènes over eten, controle en dagelijkse rituelen liet zij een kwetsbare kant zien. Zonder zwaar of expliciet te worden, werd duidelijk dat achter ogenschijnlijk luchtige situaties een innerlijke strijd schuilt. Juist de eenvoud van haar spel – kleine stiltes, een blik, een terloopse grap – maakte deze momenten raak. Een ingetogen tekst, deels in het Fries, vormde een emotioneel hoogtepunt. In haar moedertaal klonk ze nog dichter bij zichzelf. Haar stem werd breekbaarder, zachter, en het publiek werd als het ware dichterbij getrokken. Hier toonde zij haar kracht in klein spel: geen grote gebaren, maar oprechte aanwezigheid.
Ook in de meer absurdistische passages – waarin haar gedachten alle kanten op schoten – bleef voelbaar dat onder de humor een verlangen naar rust en begrip lag. Ze gebruikt humor niet om iets weg te lachen, maar om het draaglijk te maken. Dat geeft haar spel volwassenheid. Aan het einde kwam haar boodschap helder naar voren zonder belerend te worden: een mens is nooit één label. Niet één eigenschap, niet één worsteling, niet één kant. Jildou liet zien dat zij zowel licht als donker durft te tonen – met humor, muzikaliteit en kwetsbaarheid in balans.
Met dit Eigen Werk bevestigde zij haar kwaliteiten als verteller en performer: een mooie stem, sterk gevoel voor timing en de moed om persoonlijk te zijn zonder zwaarte te forceren. Een ontroerende en intelligente presentatie die zacht binnenkomt en blijft hangen.
Jildou is momenteel ook te zien in de musical Hairspray als Tamy en eerste understudy Amber en Penny.

Rijk en divers
De avond Eigen Werken van de studenten Musicaltheater van Fontys liet zien hoe rijk en divers deze lichting is. Drie totaal verschillende makers, drie eigen stemmen, drie unieke werelden – van een borrelplank vol metafoor, via een roze fantasie-universum, tot een kwetsbaar persoonlijk verhaal. Wat hen verbindt is lef: de moed om zichzelf te tonen, om humor naast pijn te zetten en om hun eigen verhaal muzikaal vorm te geven. Met hun huidige professionele stappen bewijzen zij dat zij klaar zijn voor het werkveld.
Een inspirerende avond vol energie, muzikaliteit en oprechte verhalen.
























Geef een reactie